Brom- en snorfietsers lopen een relatief groot risico om slachtoffer te worden van een ongeval. Weliswaar is er een trend naar minder doden waar te nemen, maar het risico om in het verkeer om te komen of ernstig gewond te raken blijft erg groot vergeleken met andere vervoerswijzen. Bromfietsers zijn verplicht een helm te dragen, maar snorfietsers niet. In de laatste jaren zien we een sterke toename van het aantal snorfietsen (vooral het scootermodel wordt veel verkocht), terwijl het aantal bromfietsen licht afneemt.

De afgelopen tien jaar (2006-2015) zijn er in Nederland gemiddeld 11 verkeersdoden per jaar geregisteerd bij ongevallen met landbouwvoertuigen. Ten opzichte van begin jaren negentig is het gemiddeld aantal verkeersdoden als gevolg van een ongeval met een landbouwvoertuig gestegen van 1% naar 2% van het totale aantal verkeersdoden in Nederland. Onder landbouwvoertuigen vallen zowel land- en bosbouwtrekkers (tractoren) als zelfrijdend werkmaterieel dat wordt gebruikt voor de landbouw, de bouw, de grond-, weg- en waterbouw en het groenonderhoud.

Deze factsheet beschrijft de verkeersveiligheid van het openbaar vervoer en van spoorwegovergangen- plaatsen waarop het wegen- en spoornetwerk elkaar kruisen. Onder voertuigen voor openbaar vervoer vallen OV-bussen, trams/lightrail-voertuigen en treinen. Deze factsheet beperkt zich tot verkeersslachtoffers waarbij een OV-voertuig betrokken is: suïcide en slachtoffers door sociale onveiligheid (geweld in het OV) worden buiten beschouwing gelaten. Behalve openbaar vervoer en spoorwegovergangen, wordt in deze factsheet ook ingegaan op de verkeersveiligheid van taxi’s.

Deze factsheet gaat over scootmobielen, gesloten gehandicaptenvoertuigen (zoals de Canta) en brommobielen. Het beschrijft de kenmerken en regelgeving van elk voertuig, het gebruik en de gebruikers, de veiligheidsaspecten en mogelijke maatregelen om de veiligheid te verbeteren.

In Nederland overleden in 2015 47 motorrijders in het verkeer. Het aantal ernstig verkeersgewonden onder motorrijders is sinds 2009, toen het er zo’n 1.300 waren, niet meer betrouwbaar vast te stellen wegens gebrekkige registratie. In Nederland hebben 1,4 miljoen mensen een motorrijbewijs, maar met slechts 656.000 geregistreerde motoren bezit minder dan de helft een motor. Deze motorrijders rijden gemiddeld 1.200 tot 3.400 km per jaar, waardoor de meesten niet echt routine opbouwen.

In 2020 werd ruim een kwart van de totaal afgelegde fietsafstand met de elektrische fiets gereden. Ook in de ongevallen is dit terug te zien: in 2019 en 2020 reed bijna een op de drie van de dodelijke fietsslachtoffers op een elektrische fiets.

Een licht elektrisch voertuig (LEV) is een elektrisch aangedreven voertuig om relatief kleine afstanden mee af te leggen. In Nederland zijn, in tegenstelling tot in veel andere Europese landen, de meeste elektrische steps niet toegestaan op de openbare weg. We weten nog weinig over de veiligheid van LEV’s omdat grootschalig, systematisch onderzoek nog nauwelijks voorhanden is.